Na de luidruchtige kennismaking met Ferrari ben ik steeds beter op gaan letten of ik er een in het wild tegen zou komen. Zo stond er ooit een lichtgroene (jawel!) 330 GTC heel nonchalant naast het Paleis op de Dam geparkeerd. Van winkelen is toen weinig meer gekomen. Als 17 jarige droomde ik er van om zelf ooit een Ferrari te kunnen bezitten. Inmiddels weet ik dat het nooit gaat gebeuren. Ik besloot ter compensatie van het jongensleed om schaalmodellen van Ferrari te gaan verzamelen. Uitgangspunt was een gifgroene 365 GTC/4 van Mebetoys. Deze had ik ooit van moederlief gekregen na een heftig consult bij de tandarts. Helaas was ik het kleinood in de loop der jaren kwijt geraakt.
Het eerste modelletje voor de verzameling der verzamelingen was een 308 GTSi, inderdaad de Magnum Ferrari, van Corgi in de afwijkende maat 1 op 32. Er zouden er meer volgen, tot ik tegen een prijsbarrière aan liep. Veertig gulden voor een 250 GT Lusso was mij iets te veel. Helemaal toen bleek dat ik hem zelf in elkaar moest zetten. Nu is mijn fijne motoriek verre van goed ontwikkeld, dus ik zag de bui al hangen. Op een zonnige dag in 1984 gebeurde er iets bijzonders. Mijn ouders vroegen mij of ik mee ging naar Haarlem. Weet nog steeds niet waarom. Toch ben ik ze eeuwig dankbaar. Zij weten nog steeds niet waarom.
Aan het Spaarne ontdekte ik een winkeltje: Automobilia. Ik stapte binnen en werd verwelkomd door een ouderwetse winkelbel. Leuk! Automobilia was het Walhalla. Vitrines vol schaalmodellen, kasten vol autoboeken en een klein hokje vol tijdschriften. Ik was verkocht. Voorzichtig vroeg ik de eigenaar, René Boswinkel, wat het nou kostte om een dergelijke winkel te beginnen. Veel te veel dus. Zeker voor een centloze scholier als ik. Wie schetste echter mijn verbazing toen ik een week later een brief –een papieren mail- kreeg met de vraag of ik bij hen als zaterdaghulp wilde komen werken. Een grote JA!
Aan het Spaarne ontdekte ik een winkeltje: Automobilia. Ik stapte binnen en werd verwelkomd door een ouderwetse winkelbel. Leuk! Automobilia was het Walhalla. Vitrines vol schaalmodellen, kasten vol autoboeken en een klein hokje vol tijdschriften. Ik was verkocht. Voorzichtig vroeg ik de eigenaar, René Boswinkel, wat het nou kostte om een dergelijke winkel te beginnen. Veel te veel dus. Zeker voor een centloze scholier als ik. Wie schetste echter mijn verbazing toen ik een week later een brief –een papieren mail- kreeg met de vraag of ik bij hen als zaterdaghulp wilde komen werken. Een grote JA!
Vanaf het moment dat ik bij Automobilia werkte was ik verbaasd over het fanatisme van de verzamelaars. Honderden guldens gaven ze uit een perfect gedetailleerde modellen van hun lievelingsmerk. En dat waren niet alleen Ferrari´s. Ook ik breidde mijn collectie voorzichtig uit. En maakte de grote vergissing om zijpaden te gaan bewandelen. Naast Ferrari´s kwamen er cabrio´s en naast cabrio´s wilde ik alle door Pininfarina ontworpen auto´s gaan verzamelen. De verzamelwoede leidde tot spaak lopen.
Vele tienduizenden guldens en euro´s later heb ik onlangs afstand gedaan van mijn verzameling. Maar ik blijf op zoek. Naar slechts één model: die gifgroene. Zonder er kiespijn voor te hoeven lijden, natuurlijk.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten